Door Anna van den Boogaard op 13 oktober 2016

Schriftelijke vragen: geen kind in armoede

Onze fractie heeft de volgende schriftelijke vragen gesteld over armoede onder kinderen:

Op Prinsjesdag werd officieel bekend gemaakt dat er vanaf 2017 jaarlijks structureel 100 miljoen extra komt om armoede onder kinderen te bestrijden.

Een groot aantal kinderen wordt dagelijks geconfronteerd met armoede. Zij kunnen niet meedoen doordat materiele zaken en middelen ontbreken. Voor de PvdA is mee kunnen doen en het hebben van kansen een recht van ieder kind, ongeacht afkomst en achtergrond. De cijfers liegen er niet om: één op de negen kinderen groeit op in armoede. In absolute cijfers gaat het om 421.000 kinderen, tegen 384.000 in 2013.

Voor Leiden weten we dat 14% van de kinderen in een huishouden leeft met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum (Bron: Armoedemonitor 2015) Voor deze groep is het Minimabeleid toegankelijk en uitgebreid, al zien we dat niet-gebruik nog te vaak voorkomt. Ook merken we dat juist in de gezinnen die net niet in aanmerking komen voor het Minimabeleid er problemen ontstaan.

Voor de PvdA is het belangrijk dat elk kind kan sporten, de verjaardag kan vieren, gezond eet en mee kan gaan op schoolreisje.

Bovenstaande is voor de fractie van de PvdA dan ook aanleiding om het College op grond van artikel 45 van het reglement van orde de volgende vragen te stellen:

1. Is het college het met de PvdA eens dat we om armoede te bestrijden naar een bredere doelgroep moeten kijken? Dus niet alleen naar kinderen uit bijstandsgezinnen, maar ook kinderen van ouders in de schuldhulpverlening, van zelfstandig ondernemers die het moeilijk hebben of van (alleenstaande) ouders met een inkomen onder de 130% van het minimum. Kortom: ook gezinnen die niet altijd op het netvlies van gemeenten staan?
a. Zo ja, hoe wilt u dit vorm gaan geven?
b. Zo nee, waarom niet?

2. In de Armoedemonitor 2015 geeft het college aan te streven naar een integrale aanpak van armoede. Armoede heeft effecten op veel andere terreinen zoals gezondheid maar ook bijvoorbeeld op optimale onderwijsprestaties. Is het college bereid in de plannen die zij ontwikkeld voor extra ondersteuning om armoede onder kinderen te bestrijden, verder te kijken dan we tot nu toe hebben geregeld in het ‘Kindpakket’.
a. Zo ja, hoe wil het college dit gaan doen?
b. Zo nee, waarom niet?

3. De PvdA zou graag zien dat er nog voor januari 2017 een plan van aanpak ligt over hoe Leiden het extra geld gaat besteden zodat zo snel en zo veel mogelijk kinderen hier profijt van hebben.
a. Is het college voornemens dit te doen?
b. Zo nee, waarom niet?

Anna van den Boogaard

Anna van den Boogaard

De PvdA is een partij die er is voor iedereen, die niemand buiten sluit en opkomt voor de mensen die dat nodig hebben. Ook in de komende periode zal ik mij in blijven zetten om in Leiden een sterk en sociaal beleid in stand te houden. De tendens naar zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid nauwlettend in

Meer over Anna van den Boogaard